Curio-bestuurder vreest tekort aan vakmensen
Nieuwe financiering kan mbo-opleidingen de kop kosten
Nieuwe financiering kan mbo-opleidingen de kop kosten
ARTIKEL | Bestuurder Rob Neutelings van de West-Brabantse onderwijsorganisatie Curio maakt zich grote zorgen over de manier waarop 'Den Haag' het mbo vanaf 2029 wil financieren. Daardoor bestaat de kans dat Curio beroepsopleidingen stopzet. „Het bedrijfsleven gaat dit echt merken.”
Hij is er echt niet tegen om opleidingen in krimpgebieden als Zeeland overeind te houden, zegt Curio-bestuurder Rob Neutelings. Sterker nog: hij ziet best wat goede punten in het mbo-plan van onderwijsminister Rianne Letschert (D66).
Nu krijgt Curio geld per student en per diploma, ruim 110 miljoen euro voor het mbo. Neutelings, bestuursvoorzitter van Curio, de grootste mbo-instelling in West-Brabant: „Een deel daarvan wordt een vast bedrag, onafhankelijk van het aantal studenten.” Daardoor heeft Curio niet meteen een probleem als zich in een jaar wat minder studenten aanmelden.
Waar Neutelings wel negatief over is, is een nieuwe verdeling van het geld over mbo’s. Daarbij wordt vooral gekeken naar krimp. Daardoor krijgt mbo Scalda, dat in vier Zeeuwse steden zit, bijvoorbeeld extra geld. Dat extra geld moet worden opgehoest door alle andere mbo-instellingen, waaronder Curio.
Officieel geen krimpschool
Curio heeft echter ook krimpproblematiek, zegt Neutelings. „Het aantal mbo-studenten in heel Nederland neemt af”, zegt hij. „Wij hadden tussen 2019 en 2023 een krimp van 6,5 procent. In Bergen op Zoom liep het aantal studenten in die jaren zelfs met 20 procent terug. Hier hebben we dezelfde problemen als in een krimpregio, maar omdat we ook in Breda en Roosendaal zitten, tellen we niet mee als krimpschool.”
Het ministerie heeft nog geen definitieve berekeningen gemaakt, maar naar verwachting zal Curio enkele procenten van zijn budget moeten inleveren. „We kijken door de krimp al scherp naar onze opleidingen”, zegt Neutelings. „Al onze horecaopleidingen worden bijvoorbeeld samengevoegd in Bergen op Zoom.”
Deze bezuiniging dwingt hem er naar eigen zeggen toe om ‘nog scherper te kijken’. „Het bedrijfsleven gaat merken dat we minder kunnen inspelen op wat het nodig heeft”, voorspelt Neutelings. „En je zult scherpere keuzes moeten maken. Stel: in Tilburg en Breda zit dezelfde opleiding en je hebt allebei een halve klas. Dan kijk je al gauw: is dit nog levensvatbaar? En dan bestaat er dus een kans dat Curio die opleiding stopzet.
Neutelings ziet ook dat zijn collega’s in de krimpregio’s het nu moeilijk hebben. Sommige scholen kunnen wezenlijke opleidingen nog maar moeilijk overeind houden. Bij Scalda is de bakkersopleiding bijvoorbeeld een lastige, zei een bestuurder eerder tegen dagblad PZC. Dat zou ertoe kunnen leiden dat er een bakkerstekort in de provincie ontstaat.
Wat heeft deze regio nodig?
„Welk model je ook kiest om geld te verdelen, je krijgt niet meer studenten”, zegt Neutelings. „Je bent dus niet het probleem van het tekort aan mbo’ers aan het oplossen. Wat je zou moeten doen is kijken naar welke opleiding er in een gebied nodig is.”
„In de regio Bergen op Zoom gaat het bijvoorbeeld om cultuur, horeca en techniek. Die opleidingen zijn al lastig overeind te houden met deze krimp. In Breda kijk je naar robotica en de plant-based economie. Die opleidingen zijn daar belangrijk voor de arbeidsmarkt. Daarnaast zijn er natuurlijk studies die overal belangrijk zijn: verpleegkunde en de opleiding tot onderwijsassistent. En dan heb je de opleidingen op niveau 1 en 2, de entree- en basisberoepsopleidingen. Die trekken studenten voor wie ver reizen geen optie is.”
Natuurlijk ziet Neutelings dat het fijn is als een Zeeuwse student niet meer zo ver hoeft te reizen voor een opleiding. „Maar stel: je gaat in Zeeland studenten vliegtuigtechniek opleiden. Dan zijn ze straks klaar met hun studie, en dan is er geen werk. Is dat dan de oplossing?”
Link naar de publicatie (geraadpleegd op 30 september 2026)