INTERVIEW | BREDA/OOSTERHOUT - Ze leiden vakmensen op, van heftruckchauffeur tot zorgmedewerker. Na hun studie ligt het werk voor veel mbo’ers voor het oprapen, want de vraag naar goed opgeleide specialisten is groot. Toch ziet Rob Neutelings, bestuursvoorzitter van Curio, de instroom op zowel het vmbo als het mbo al jaren dalen. ,,Een groeiend probleem waar West-Brabant nu al last van heeft.”
Hij kent ze al, de hoveniers of loodgieters die maandelijks een vergelijkbaar salaris verdienen als hun academisch opgeleide buurmannen. Neutelings: ,,Je ziet ze steeds meer, mannen en vrouwen die uitblinken in hun vak. Ze kunnen voor hun diensten vragen wat ze willen, omdat de vraag naar vakmensen hoog is en het aanbod daalt.”
Dat tekort aan goed opgeleide specialisten neemt de komende jaren alleen maar toe volgens de bestuursvoorzitter van Curio, de grootste onderwijsinstelling voor het vmbo en mbo in West-Brabant. Van Halsteren tot Andel biedt Curio jongeren praktijkgericht onderwijs met een breed scala aan richtingen, van techniek tot fashion en van welzijn tot horeca.
Instroomcijfers
Vorige maand mochten groep 8-leerlingen van de basisscholen zich weer inschrijven voor het middelbaar onderwijs. In het westen van Brabant zijn de instroomcijfers voor het vmbo ongeveer gelijk gebleven, in de regio Breda/Oosterhout is het aantal inschrijvingen flink gedaald. Niet alleen bij Curio, ook op andere vmbo-scholen.
Een verontrustende ontwikkeling, vindt Neutelings. Maar de cijfers verrassen hem niet. ,,Als je kijkt naar de afgelopen tien jaar, is de instroom op het vmbo en het mbo met 25 procent gedaald. De voorspellingen zijn dat deze trend voortzet en dat we over de komende tien jaar nog eens een kwart inleveren.”
Slecht nieuws
Dat is slecht nieuws voor de West-Brabantse economie, daarvan is Neutelings overtuigd. ,,Deze regio draait voor een groot deel op het midden- en kleinbedrijf, in de logistiek, de techniek, noem maar op. Juist die branches draaien op mbo-specialisten. Mbo’ers worden zowel theoretisch als praktisch opgeleid. Dat maakt ze gouden krachten. Die zijn ook hard nodig om de snelle ontwikkelingen op het gebied van robotisering en energietransitie bij te houden.”
Volgens de bestuursvoorzitter zijn er duidelijke oorzaken aan te wijzen voor de daling van de instroom op het vmbo en mbo. En niet op elke oorzaak heb je als onderwijsinstelling invloed. ,,Zoals de demografische krimp in deze regio. Er worden al jaren minder kinderen geboren, dat zien we terug in de leerlingencijfers.”
Daarnaast kampen het vmbo en het mbo al jaren met een imagoprobleem. ,,Onterecht, dat is zo jammer. Je gaat juist een mooie toekomst tegemoet als je voor het vmbo en het mbo kiest. Je leert een vak, niet alleen op papier, ook in de praktijk.”
Geen open dagen
Dat de scholen dit jaar geen open dagen hebben kunnen houden, kan volgens Neutelings ook meegespeeld hebben in de lagere instroomcijfers. ,,Veel mensen weten niet goed wat het vmbo precies inhoudt. Mavo, havo en vwo lijken meer op het basisonderwijs, het vmbo biedt ook praktijkonderwijs en er zijn verschillende niveaus.”
Hoe het vmbo werkt, is volgens hem beter uit te leggen tijdens zo'n open dag. ,,Kinderen en ouders zien dan meteen ook de praktijkruimtes. De keuken, het technieklokaal, de winkel; ze zijn vaak verrast welke apparaten en materialen we allemaal in huis hebben. Dat maakt kinderen enthousiast.”
Uitspraak Slob
Ook de uitspraak over het ‘kansrijk adviseren’ van onderwijsminister Arie Slob heeft mogelijk effect gehad op het aantal vmbo-inschrijvingen. Neutelings: ,,Volgens mij ligt de deskundigheid over schooladviezen niet bij een minister, maar bij de docenten van groep 8. Zeg als minister dan: ‘Adviseer datgene wat hij het kind past’. Dat is toch wat je wil?
Rob Neutelings, voorzitter van de raad van bestuur van Curio © Marcel Otterspeer
Neutelings ziet jaarlijks kinderen van een hoger niveau afzakken naar het vmbo, omdat ze het toch niet redden. ,,Voor kinderen voelt dat als een faalervaring, het heeft een negatief effect op hun eigenwaarde. Terwijl je pubers en jong volwassenen juist succeservaringen gunt. Starten op het vmbo zegt niets over waar ze eindigen. De een gaat na het mbo aan het werk, de ander stroomt door naar het hbo. Je kunt nog alle kanten op, dat is juist zo mooi.”
Link naar de publicatie (geraadpleegd op 5 januari 2026)