OPINIE | In het burgerschapsonderwijs leren mbo-studenten over de rechtstaat, sociale cohesie en het belang van begrip voor andere standpunten. Een examen voor zo’n belangrijk vak is dan ook essentieel, meent Rob Neutelings, bestuursvoorzitter van Curio, een organisatie voor (v)mbo-onderwijs in West-Brabant.
Al jarenlang is het aanmodderen met het mbo-burgerschapsonderwijs. Het niveau van het onderwijs is te laag, vindt minister Dijkgraaf. Experts stelden een advies op hoe het onderwijs te verbeteren. De minister neemt dat grotendeels over, met uitzondering van het cruciale onderdeel: een examen burgerschap. Een gemiste kans.
Het burgerschapsonderwijs maakt mbo-studenten rijp voor de samenleving. Ze leren hoe de rechtsstaat werkt, wat sociale cohesie is en leren begrip te hebben voor andere standpunten. De betrokken minister constateerde in 2022 dat dit onderwijs in het mbo vaak onder de maat is. Een conclusie die ook al in 2017 werd getrokken. In vijf jaar is het de mbo-sector niet gelukt daar verbetering in aan te brengen. Terwijl juist deze tijd vraagt om burgers die stevig in hun schoenen staan en kunnen omgaan met de dynamiek van de hedendaagse samenleving.
Docenten niet bekwaam
Wat gaat er mis? In de eerste plaats is onduidelijk welke kennis, inzichten en vaardigheden studenten precies moeten leren. Daarnaast is niet helder wanneer een student nu een voldoende of een onvoldoende heeft voor het vak. En als klap op de vuurpijl zijn te veel mbo-docenten niet bekwaam om dit onderwijs te verzorgen, terwijl ze wel voor de klas staan. De minister vraagt een expertgroep nieuwe eisen te formuleren voor het mbo-burgerschapsonderwijs. In 2023 verschijnt een stevig advies van 78 pagina’s: Burgerschapsonderwijs in een veranderende samenleving.
Minister Dijkgraaf neemt de meeste aanbevelingen van de experts over. Hij heeft zelfs jaarlijks 30 miljoen euro beschikbaar voor professionalisering van mbo-docenten die burgerschapsonderwijs verzorgen. Op één cruciaal punt vergist hij zich echter. De experts adviseren dat alle mbo-scholen een instellingsexamen burgerschap afnemen. Daarmee wordt het een serieus vak en zijn de kwaliteitsverbetering van het onderwijs, de professionalisering van docenten en de inzet van studenten niet vrijblijvend. Maar de minister wil geen examen. In zijn formele beleidsreactie legt hij niet uit waarom niet. Wel stelt hij voor in nieuwe wetgeving de verplichting op te nemen dat mbo-scholen de verantwoordelijkheid hebben aandacht te besteden aan burgerschap en de ontwikkeling van studenten te meten.
Intrinsieke motivatie ontbreekt vaak
Burgerschap wordt daarmee niet gelijkgesteld aan de andere mbo-basisvaardigheden Nederlands en rekenen. Die kennen wel een examen. En dat is maar goed ook, want daardoor zien studenten het als serieuze vakken. Mbo-studenten hebben vaak een grote passie voor de beroepen die ze leren als bakker, monteur of verpleegkundige. Studieonderdelen die daar direct aan bijdragen, worden graag gevolgd.
Voor de basisvaardigheden ontbreekt echter vaak de intrinsieke motivatie. Dat bleek enige jaren geleden toen het vak rekenen niet meetelde voor het behalen van een mbo-diploma. “Als het niet meetelt, doe ik er niks aan”, was de reactie van veel studenten. Dezelfde situatie creëert de minister opnieuw voor het burgerschapsonderwijs.
Half september debatteert de Tweede Kamer met de minister over burgerschap in het mbo. Laten we hopen dat zij de minister overtuigt om de vrijblijvendheid er af te halen en mbo-instellingen te verplichten tot een examen. Gebeurt dat niet, dan is de uitkomst van de aangekondigde evaluatie in 2030 te voorspellen: “De aanpak uit 2023 heeft onvoldoende geleid tot een stevig fundament burgerschap bij mbo-studenten. Het ontbreken van een examenverplichting zorgde ervoor dat zij te veel vrijblijvendheid ervoeren om te participeren in het burgerschapsonderwijs”. En dan zijn we inmiddels 13 jaar verder na de constatering dat burgerschapsonderwijs in het mbo vaak onder de maat is.
Laten we studenten helpen met een examen, zodat zij zich scholen in burgerschap. Studenten hebben daar recht op. Nederland heeft daar baat bij.
Rob Neutelings is voorzitter van de raad van bestuur van Curio, een organisatie voor (v)mbo-onderwijs in West-Brabant.
Link naar de publicatie (geraadpleegd op 25 december 2025)
Aan deze column werd twee maal gerefereerd tijdens een debat van de commissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van de Tweede Kamer op 13 september 2023 door René Peters (CDA):
(1) Ik heb Trouw gelezen dat Rob Neutelings van Curio zegt: allemaal mooi en aardig, maar de studenten gaan het vak burgerschap helemaal niet serieus nemen als ze daar geen examen in doen. Daar zou ik graag een reactie op krijgen van de Minister.
(2) Wat de Minister zegt, zei hij ook in de eerste termijn. Er zal weinig verandering in komen. Ik heb ook niet het idee dat we het eens worden, en dat hoeft ook niet. Maar mijn vraag was niet vanuit de mbo-instellingen. Die zullen het wel serieus nemen als u het aangeeft. Maar de stelling van meneer Neutelings is: de student niet. Zou u daar nou eens op kunnen reageren? Hoe ziet u dat? Zegt u: dat is gewoon onzin? Of misschien zegt u: hij kan gelijk hebben, maar ik doe het niet. Dat is ook prima, maar zou u erop kunnen reageren? Zijn stelling is – hij werkt op Curio – dat studenten een vak dat niet voor het examen is, gewoon niet serieus nemen.
Het is mooi dat er vanaf studiejaar 2026-2027 een verplicht examen burgerschap is voor mbo-studenten.