OPINIE | ROOSENDAAL - Het niveau van de basisvaardigheden, zoals rekenen en taal, onder jongeren neemt al jarenlang af. Dat geeft problemen voor hun later functioneren in de maatschappij, omdat ze onvoldoende bagage meekrijgen. Voor een dergelijk groot probleem is het instellen van een regeringscommissaris een goede oplossing zegt Rob Neutelings, bestuursvoorzitter Curio.
‘Kees heeft acht briefjes van 10 euro, Dunya drie briefjes van 20 euro en Ellenique heeft een briefje van 100 euro’. Wie van de drie kinderen heeft het meeste geld? Deze rekenopgave moet je uit je hoofd kunnen oplossen aan het einde van de basisschool. Wat blijkt? Aan het einde van het tweede leerjaar van het vmbo heeft 72 procent van de leerlingen dit niveau nog niet bereikt, op de mavo 24 procent nog niet – dat heeft de Onderwijsinspectie uitgezocht.
Basisvaardigheden hollen achteruit
Rekenen is een basisvaardigheid, net als taal en burgerschap. Al jarenlang neemt het niveau van de basisvaardigheden onder jongeren verder af. Het risico dat leerlingen laaggeletterd en/of laaggecijferd van de middelbare school gaan, is sterk toegenomen. Het gevolg is dat doorstuderen problematisch wordt, omdat ze niet goed genoeg kunnen rekenen, schrijven en lezen. Maar ook hebben ze onvoldoende bagage om mee te komen in de maatschappij.
Ze begrijpen brieven van de overheid of de hypotheekberekening niet. Ook op het gebied van burgerschapsvaardigheden is er sprake van achteruitgang. Leerlingen weten minder over de Nederlandse democratie en hebben moeite om kritisch na te denken over maatschappelijke vraagstukken. Al met al een gigantisch probleem, dat we al tientallen jaren kennen, maar niet weten op te lossen.
Regeringscommissaris
Wat doen we als we in Nederland een enorm groot probleem hebben dat heel lastig is op te lossen? Dan benoemen we een regeringscommissaris. Deze adviseert de minister én voert bijzondere opdrachten uit. Dat hebben we ook gedaan voor bijvoorbeeld het probleem van seksueel grensoverschrijdend gedrag en de pensioentransitie. En het wordt tijd voor een nieuwe commissaris!
Een voor taal, rekenen én burgerschap. Waar zou die aan moeten werken:
1. De overheid moet helder formuleren wat leerlingen moeten kennen en kunnen op het gebied van taal, rekenen en burgerschap als ze de school verlaten;
2. Het oefenen van taal en rekenen moet je in alle vakken doen. Dus ook in de geschiedenisles besteed je aandacht aan taal; bij aardrijkskunde ook aan rekenen. Taal en rekenen worden zo de verantwoordelijkheid van álle leraren. Zij moeten samenwerken aan de geletterd- en gecijferdheid van leerlingen;
3. Stel hoge eisen aan het uitstroomniveau van taal en rekenen aan de lerarenopleidingen;
4. Blijf docenten continu bijscholen in taal- en rekenonderwijs. Een docentenopleiding is niet voldoende; blijvend je ontwikkelen als docent is echt noodzakelijk.
Dit klinkt relatief eenvoudig (dezelfde adviezen zouden overigens ook passen voor de verbetering van burgerschap), maar in de praktijk blijkt een en ander toch lastig te realiseren. Dat komt doordat er heel veel partijen bij betrokken zijn: docenten, vakbonden, lerarenopleiders, schoolbesturen, het ministerie, Tweede Kamer, sectorraden en ga zo maar door – die allemaal tegelijk en gecoördineerd in beweging moeten komen.
Sommige partijen zullen weerstand hebben tegen noodzakelijke veranderingen. Zij moeten echt bewogen en gestimuleerd worden om stappen te zetten. Een grote regisseur in de vorm van een regeringscommissaris taal, rekenen en burgerschap zou dit mogelijk kunnen.
We zoeken iemand met statuur, gezag en overtuigingskracht. Hij of zij kan ervoor zorgen dat we de komende jaren in het onderwijs ons op de basisvaardigheden kunnen concentreren én voorkomen dat er steeds weer nieuwe dingen gevraagd worden van het onderwijs.
Het is geen makkelijke opgave - zeker niet als je bedenkt dat we een lerarentekort hebben, maar het kan. Landen als Ierland en Zweden hebben laten zien dat je de trend van een verslechtering van de basisvaardigheden kunt keren binnen enkele jaren.
Rob Neutelings uit Roosendaal is voorzitter Raad van Bestuur van Curio, de beroepsopleider van West-Brabant
Link naar de publicatie (geraadpleegd op 4 januari 2026)
Eind 2025 heeft het CPB een rapport gepubliceerd (geraadpleegd op 5 janauri 2026) naar het effect van de 2 miljard subsidie die beschikbaar was om het taal- en rekenniveau op krikken. Wat bleek? Er is:
Geen effect te zien op de leerprestaties in het basisonderwijs;
Geen verschil te zien tussen de prestaties van leerlingen in het basis- en voortgezet onderwijs op scholen die de subsidie wel of niet hebben ontvangen;
Geen effect de instroom van nieuwe leraren, schoolleiders en onderwijsondersteunend personeel of het behoud van het bestaande onderwijspersoneel.
Weggegooid geld die 2 miljard? Daar lijkt het wel op. Laten we hopen dat een structurele verbetering van leerprestaties meer tijd nodig heeft, waardoor het mogelijk te vroeg is om nu al meetbare effecten te verwachten. Maar ik ben er niet gerust op.